Terug
Gepubliceerd op 27/12/2021

Besluit  Raad voor maatschappelijk welzijn

di 21/12/2021 - 21:30

Rechtspositieregeling voor gemeente- en OCMW-personeel (artikel 186 § 2 1° en 2° decreet lokaal bestuur) en de rechtspositieregeling voor het OCMW-personeel (artikel 186 § 2 3° decreet lokaal bestuur) - vaststellen

Aanwezig: Kathleen Ghyselinck, Wd. voorzitter raad voor maatschappelijk welzijn
Lieve Van Lancker, Wd. voorzitter van het vast bureau
Willem Rombaut, Kristof Agache, Laure Reyntjens, Benedikte Demunck, Leden van het vast bureau
Wim Vanbiervliet, Hilde Claeys, Antoine Van Nieuwenhuyze, Trudo Dejonghe, Lutgard Vermeyen, Leen Gryffroy, Christel Verleyen, Liselotte Thienpont, Erik Van de Velde, Ann Vandenbussche, Marthe Van Den Abbeele, Evelyne Gomes, Ina Quintyn, Hannes Eechaute, Raadsleden
Veerle Goethals, Algemeen directeur
Verontschuldigd: Vincent Van Peteghem, Voorzitter raad voor maatschappelijk welzijn
Feiten en context

De rechtspositieregeling voor het gemeente- en OCMW-personeel moet aangepast worden. Het gaat om een juridische actualisatie op grond van hogere wetgeving , zoals de wijziging van de regeling van het bevallingsverlof en het geboorteverlof voor statutairen.

Het forfaitair gedeelte en de verhoging veranderlijk gedeelte voor VIA6-personeel voor de eindejaartoelage werd aangepast. Op basis van de toekomstige wetgeving werd er ook voorzien dat er een verhoging is van het veranderlijk gedeelte van de eindejaarstoelage voor alle personeel en een opheffing van de beperking van het bedrag en dit volgens het sectoraal akkoord van 9 juni 2021.

Op inhoudelijk vlak werden volgende zaken gewijzigd:

  • Administratieve anciënniteiten van het personeelslid
    De beroepservaring overheidssector voor schaalanciënniteit wordt meegenomen.
    Bij de bepaling dat er een gedeeltelijk relevante ervaring voor de schaalanciënniteit kan worden meegenomen, wordt het woord "gedeeltelijk" geschrapt bij de rechtspositieregeling voor OCMW-personeel (artikel 186 § 2  3° decreet lokaal bestuur)
  • Diensten in de privésector of als zelfstandige:
    Bij de bepaling dat er een gedeeltelijk relevante beroepservaring in de privésector of als zelfstandige voor geldelijke anciënniteit kan worden meegenomen, wordt het woord "gedeeltelijk" geschrapt voor gemeente en OCMW-personeel (artikel 186 § 2 1° en 2° decreet lokaal bestuur)
  • Eindejaarstoelage:
    Er werd een artikel toegevoegd in verband met het inzetten van de eindejaarstoelage van het personeel voor de fietsmobiliteit .
Hogere regelgeving
  • Decreet over het lokaal bestuur
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 7 december 2007 en latere wijzigingen houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie, de rechtspositieregeling en het mandaatstelsel van het gemeentepersoneel en het provinciepersoneel en houdende enkele bepalingen betreffende de rechtspositie van de secretaris en de ontvanger van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 12 november 2010 houdende de minimale voorwaarden voor de personeelsformatie en het mandaatstelsel van het personeel van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en houdende de minimale voorwaarden voor sommige aspecten van de rechtspositieregeling van bepaalde personeelsgroepen van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 12 maart 2021 houdende maatregelen ten gevolge van de pandemie veroorzaakt door COVID-19 en tot wijziging van de minimale voorwaarden voor de rechtspositieregeling van het personeel van de gemeenten, de openbare centra voor maatschappelijk welzijn en de provincies
Vorige beslissingen
  • Besluit van de raad voor maatschappelijk welzijn van 25 oktober 2021 in verband met de vaststelling van de rechtspositieregeling voor gemeente- en OCMW-personeel (artikel 186 § 2 1° en 2° decreet lokaal bestuur) en de rechtspositieregeling voor het OCMW-personeel (artikel 186 § 2 3° decreet lokaal bestuur)
Motivering

De rechtspositieregeling moet geactualiseerd worden in het kader van de hogere wetgeving rond geboorteverlof en de regeling rond het bevallingsverlof.

De lokale besturen kunnen sinds de goedkeuring van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 maart 2021 een fietslease aanbieden aan hun medewerkers. Het bestuur nam deel aan de procedure voor de fietsleasing via Veneco en de opdracht werd gegund aan Belfius Auto Lease NV/Cyclis Bike Lease NV.

Vooraleer men kan starten met het aanbieden van fietslease, moet elk lokaal bestuur de nadere regels bij het aanbieden van fietslease, opnemen in de lokale rechtspositieregeling. Dit moet individueel per gemeente gebeuren. Er wordt voorgesteld de mogelijkheid te bieden aan de werknemers om de eindejaartoelage in te zetten voor de fietsmobiliteit.

Op inhoudelijk vlak werd de bepaling dat de schaalanciënniteit van een andere overheid kan meegenomen worden ingeschreven op voorwaarde dat deze relevant is. Het woord "gedeeltelijk" voor het toekennen van anciënniteit vanuit de privésector of als zelfstandige werd geschrapt. Het is immers zo dat het lokaal bestuur concurrentieel wil blijven ten opzichte van andere besturen en dat uit de benchmark blijkt dat andere besturen zowel de schaalanciënniteit uit een andere overheid meenemen en anciënniteit uit de privésector bij relevantie voor 100% toekennen. Voor de personeelsleden die onder artikel 186 § 2  3° decreet lokaal bestuur vallen, werd om diezelfde reden het woord "gedeeltelijk" geschrapt voor de toekenning van schaalanciënniteit.

Publieke stemming
Aanwezig: Kathleen Ghyselinck, Lieve Van Lancker, Willem Rombaut, Kristof Agache, Laure Reyntjens, Benedikte Demunck, Wim Vanbiervliet, Hilde Claeys, Antoine Van Nieuwenhuyze, Trudo Dejonghe, Lutgard Vermeyen, Leen Gryffroy, Christel Verleyen, Liselotte Thienpont, Erik Van de Velde, Ann Vandenbussche, Marthe Van Den Abbeele, Evelyne Gomes, Ina Quintyn, Hannes Eechaute, Veerle Goethals
Voorstanders: Lieve Van Lancker, Willem Rombaut, Kristof Agache, Laure Reyntjens, Benedikte Demunck, Kathleen Ghyselinck, Wim Vanbiervliet, Hilde Claeys, Antoine Van Nieuwenhuyze, Trudo Dejonghe, Lutgard Vermeyen, Leen Gryffroy, Christel Verleyen, Liselotte Thienpont, Erik Van de Velde, Ann Vandenbussche, Marthe Van Den Abbeele, Evelyne Gomes, Ina Quintyn, Hannes Eechaute
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

Artikel 1.

De rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel en het OCMW-personeel (artikel 186 § 2 1° en 2° decreet lokaal bestuur) van De Pinte, zoals gehecht in de bijlage, wordt vastgesteld voor wat betreft de bepalingen die betrekking hebben op het OCMW-personeel.

 

Artikel 2.

De rechtspositieregeling van het OCMW-personeel (artikel 186 § 2 3°) van De Pinte, zoals gehecht in de bijlage, wordt vastgesteld.

 

Artikel 3.

Dit besluit en de inhoud ervan worden in uitvoering van artikel 286 van het decreet lokaal bestuur bekend gemaakt via de webtoepassing van de gemeente door de voorzitter van het vast bureau.

 

Artikel 4.

In toepassing van artikel 330 van het decreet lokaal bestuur wordt de toezichthoudende overheid op dezelfde dag van de bekendmaking op de hoogte gebracht door de voorzitter van het vast bureau van de bekendmaking van dit besluit.

 

Artikel 5.

Deze rechtspositieregeling gaat in met ingang van heden met uitzondering van de bepalingen rond de anciënniteiten die vanaf 1 januari 2022 in werking treden.

 

Artikel 6.

De rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel en het OCMW-personeel (artikel 186 § 2 1° en 2° decreet lokaal bestuur), zoals vastgesteld in de raad van maatschappelijk welzijn van 25 oktober 2021, en de rechtspositieregeling van het OCMW-personeel (artikel 186 § 2 3°) van De Pinte en alle voorgaande beslissingen met betrekking tot het vaststellen van de rechtspositieregeling voor het gemeentepersoneel en het OCMW-personeel (artikel 186 § 2 1° en 2° en 3° decreet lokaal bestuur) , worden opgeheven met ingang vanaf heden.